De neo-gotische kapel in de buurt van Schleidweiler werd gebouwd in 1894 Een kruisweg met 14 stations van aangepaste zandstenenpilaren leidt naar het kapel, dat over Schleidweiler trond. Beginnend in het kerngebied Schleidweiler begeleidt de bezoeker 14 staties van kruispadstations. Aan het kapel aangekomen, bevind de bezoeker zich op de kam met een prachtig uitzicht over de "Fidei" - van de Bitburger Land tot Meulenwald - weer.
De Genovevagrot ligt hoog boven het "Kuttbachtal" op de zuid-oostelijke helling van de "Elterlei", die op de noord-oostenlijke uitlopers een burcht draagt. In de heuvels, onstaan door het puin van de grot-uitgravingen, werd een schaaf gevonden, die een gebruik van de grot doet vermoeden door mensen in de oude steentijd. In het puin bevonden zich buiten prehistorische scherven ook Romeinse en Frankische scherven.
De Romeinse muur bij Butzweiler is een reconstructie. De oorspronkelijke verdedigingsmuur had een lengte van 72 km, een dikte van 80 cm en een hoogte van 2 meter. De oorspronkelijke muur werd tegen het einde van de 4e eeuw gebouwd. Tot op de dag van vandaag is het eigenlijke doel van de muur, die een akkerbouwgebied ommuurde, onduidelijk. Het ommuurde gebied is een van de meest vruchtbare gebieden van Trier-Land. Het is mogelijk dat de lange muur een beschermende functie had tegen een roofdieren invasie, en daardoor rijke veeteelt en intensieve landbouw mogelijk maakte. Het is echter ook mogelijk dat het ommuurde gebied, werd gebruikt als een keizerlijk jachtgebied voor paarden-, of schapenfokkerijen. Er zijn nog meer getuigen van het Romeinse Rijk in de buurt van de muur, zoals bijvoorbeeld de beeldenvijver in Welschbillig